Ik lijd vandaag

ik lijd vandaag
aan ernstig uitstel gedrag
gisteren ook al en eergisteren
misschien al mijn hele leven lang

mijn huis raakt adembenemend
opgeruimd veel online boodschappen
zijn gedaan het geld raakt op ik zet
alles vast klaar om lapjes te naaien

maar voor ik begin drink ik nog wat
koppen thee eet een appeltje gooi het vuil
in de container en wacht tot de wasmachine
mijn truien vrijgeeft om op te hangen

ik neem nog maar een kopje thee
ga even mijn haar wassen ik zou
natuurlijk ook iets anders kunnen doen
foto’s bewerken mijn liefje bellen

ik tuur wat uit het raam het donker
valt al over mijn uitzicht ik kan nu
beter gaan koken en dan naar bed
of zo ik leed vandaag zo heel erg

aan ernstig uitstel gedrag

Gedichten van droefenis en rouw

I

De zomer is druk en hevig
uit de verdorde grond bloeien
de stokrozen donkerrood

ze ligt als een baby in moeder's schoot
de navelstreng die haar voedt is van plastic
haar vingers gaan, een zachte bries
door mijn haren over mijn wang
'Ben je daar?'

Op de rand van haar wereld
ben ik haar levenslijn
haar anti-pijnlijn haar troostlijn
in wiens handen kan ik mij aanbevelen

de aarde scheurt schreeuwt spuwt
stenen en gruis ik ben de destructielijn
wie ontfermt zich over mij?


II

Nu de zomer voorbij is

vraag ik
kom sta op en zing met mij want
zonder jou snijden de klanken
uit mijn mond diep in mijn huid
zo diep dat jouw naam
naar buiten schreeuwt
Eurydice mijn Eurydice

What is life to me without thee

zoek ik
iedere nacht tussen
de woorden die in mij woeden
naar je stem zacht en ver
schim tussen schimmen
voorbij, voorbij kreunen ze
als ik me omdraai en ze toezing

What is left if thou are dead

zwijg ik
hoor jij het ook knarsen in je hoofd
al die kleine stukjes
gehakt gezaagd gebeiteld geschaafd gesneden
al die kleine stukjes huid haar bot hoofd hart
zij dansen hun dodendans
you better can be drunk
teken ik op de tafel
vul manden vol dronkemanstranen

What is life without my love

en luister
naar het lachen van de demonen
voorbij voorbij er is geen weg terug
beschouw het nu maar als een late
herfstliefde verloren gegaan
in een kankergezwel dat via de lever
de ribben doorkliefde ja daar
daar is het rood daar

spat het hart uiteen


III

Ik wil zijn als een ijzige kou en
modder en schrale winden
ik wil adem zijn die woorden bevriest en
stemmen breekt in een dunne morgen
ik wil een scheur zijn in de aarde
brak water wil ik zijn en
wat mij aanraakt zal bederven
ik wil een nieuw jaargetij zijn
een getij van de doden

ik ben
log water in monden en ogen
tientallen wonden gekooid in een huid
bloed gestold in de aderen
zo dwaal ik over nevelwegen en word
geliefkoosd door handen die mij zijn vergeten

 


Mijn Euridice 1942 - 1995 

Wake

traag trekt de maan zich terug 
uit de kieren tussen gordijn en sponning
duistere wake kleurt het kussen vochtig

en als in de morgenuren het licht 
grauw terugkeert dwalen mijn vingers 
verdwaasd over mijn natte gezicht 

traag trekt de maan zich terug

duistere wake kleurt

droef is het gemis dat ons vergeten treft

droef

voor K S 1976-2015

bruiden waren we allemaal

Het is maar een pad fluister ik
zacht tegen mijzelf het is maar een pad
dat leidt naar de deur van een kerkje

in het wijde land zingen trage
melodieën hymnes voor een bruidspaar

bruiden waren we allemaal

keurige meisjes verloren in het donker
om de hoek van de straat bezoedelden
handen onze smetteloze huid

ach hoe we leerden later veel later
met een glimlach alle vlekken te verwijderen

bruiden waren we allemaal

Berichten navigatie

1 2 3 4 5 6
Scroll naar boven