Sirkka Turkka, laat onze hoofden suizen

Standbeeldzang het suizen van een stenen hoofd.
Dronken brult het
zijn verlangen in de wind.
De regen slaat het stenen hoofd.
Duizend vingers proberen iets te zeggen iets.
Iets.

Standbeeldgedichten denk ik als ik een serie van zes korte gedichten in de bundel van Sirkka Turkka lees. Het woord standbeeld komt er consequent in voor. Ze schuwt de herhaling van woorden niet.
Het hindert niet, het versterkt en verbindt de gedichten.
Een bundel met een nawoord. Maar het nawoord nader ik maar niet, steeds begin ik de gedichten opnieuw te lezen. Eerst nog bladzijde voor bladzijde maar later pak ik de bundel en sla hem willekeurig open. Ik wil (nog) niets over de dichter lezen, ik wil de gedichten lezen, ze absorberen. Het is of ik mijzelf lees: ‘ik geloof dat ik in de duisternis van ons leven voor iemand een kostbaar kleinood en troost ben, /. En even later ‘ zo kun je op regenachtige dagen of platzak alleen in jezelf reizen/ je hart vol hoorngeschal en geschetter’.

Het zijn gedichten vol hartstocht en emotie, grote gedichten maar soms ook heel klein en dichtbij. Het is de hartstocht die ik vaak alleen maar vind in Zuid-Europese en Latijns-Amerikaanse poëzie, in gedichten van bijvoorbeeld Pessoa en Neruda. En soms in de Duitse dichtkunst als de Weltschmerz goed voelbaar is, Ingeborg Bachmann en Rilke.

De Weltschmerz is duidelijk bij deze dichteres, die op het Finse platteland woont. Ja ik heb het nawoord gelezen nu. En tegelijkertijd zijn haar gedichten gebonden aan het deel van de aarde waar ze woont. De wijde vlakte, de lange donkere winters doemen voor je op.
…./ en van hier, uit het land van de schaduw des doods,/ uit het land van de sneeuw roep ik je,/ niet als God/ maar als mijn enige, / mijn enige leven,/ …..
Soms is er een tederheid zoals bijvoorbeeld in de opsomming van de kleine dode dingen die ze vindt: ‘ik vond het pootje van een haas op het erf / wit en stil / als een bloem op een graf’ .

Ja deze gedichten van Sirkka Turkka laten mijn hoofd suizen.

Sirkka Turkka
De hond zingt in zijn slaap
Vertaling en samenstelling Adriaan van der Hoeven
Nawoord Tonnus Oosterhoff
Uitgeverij De Bezige Bij
ISBN 0 234 1699 6

 

Dood water van Wen Yiduo

Een paar weken geleden viel er spontaan een boek uit mijn boekenkast. Ik keek er naar en liep er langs, drie dagen lang. De dag voor mijn huishoudelijke hulp kwam heb ik het opgeraapt. Het is een bundel met gedichten van vijf Chinese dichters, een uitgave van Querido uit 1983: Tweesprong. De gedichten zijn gekozen en vertaald door Lloyd Haft en T.I. Ong-Oey.
Het is een dichtbundel waarvan ik niet eens wist dat ik hem had, hoelang ik hem al heb en ook niet hoe ik eraan gekomen ben. Het voelt bij het openslaan alsof ik er zelfs nog nooit in gekeken heb. Sinds ik in 2012 door China heb gereisd, ben ik een soort sinofiel en zoek ik het internet af naar Chinese kunst en literatuur maar in mijn boekenkast heb ik niet gekeken.

Lees meer

Scroll naar boven